Naar inhoud
hrm365
Nieuws Wetgeving Gidsen HR-software Tools
Wetgeving Arbeidsrecht Ingangsdatum 8 oktober 2026

Dienstverlening aan huis: nieuwe wet bij publiek gefinancierde zorg

Wie iemand in dienst heeft voor huishoudelijk werk en dit betaalt uit een aangewezen publieke regeling, kan niet meer terugvallen op de Regeling dienstverlening aan huis. De wet is gepubliceerd in Stb. 2026, 306 en werkt grotendeels terug tot 1 januari 2026.

hrm365 Redactie 4 min lezen
Caregiver assisting elderly couple with coloring
Foto: Age Cymru via Unsplash

Op 7 oktober 2026 is in het Staatsblad de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis gepubliceerd (Stb. 2026, 306, wet van 23 september 2026). De wet past de rechtspositie aan van werknemers die in het huishouden van een particulier werken, als dat werk uit een aangewezen publieke regeling wordt betaald. Dat raakt vooral particuliere werkgevers die hun hulp of zorg met publiek geld financieren, zoals pgb-houders. Het raakt ook de loonadministraties die voor hen werken.

Wat verandert er?

De Regeling dienstverlening aan huis gaat over werknemers die doorgaans op minder dan vier dagen per week uitsluitend of nagenoeg uitsluitend diensten verrichten voor het huishouden van een natuurlijk persoon. Voor deze groep gelden afwijkende regels, bijvoorbeeld bij ziekte.

Volgens de wet is het wenselijk dat deze regeling niet van toepassing is bij aangewezen, publiek gefinancierde dienstverlening. Het werk mag daarvoor geheel of gedeeltelijk uit zo'n regeling worden betaald. Daarvoor zijn dezelfde woorden toegevoegd aan de volgende wetten:

  • de Werkloosheidswet (artikel 6, eerste lid, onderdeel c);
  • de Ziektewet (artikel 6, eerste lid, onderdeel c);
  • de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (artikel 6, eerste lid, onderdeel c);
  • het Burgerlijk Wetboek, Boek 7 (artikel 629, tweede lid, onderdeel a, en artikel 671, eerste lid, onderdeel d);
  • de Wet flexibel werken (artikel 2b, vijfde lid, onderdeel a);
  • de Wet op de loonbelasting 1964 (nieuw derde lid in artikel 5: het eerste lid is dan niet van toepassing).

Welke financieringsregelingen precies tellen, staat niet in de wet. Die worden aangewezen bij ministeriële regeling, door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in overeenstemming met de minister van Financiën. De wet noemt zelf wel de pgb's op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverzekeringswet (Zvw), omdat daarvoor compenserende middelen zijn voorzien. Een pgb is een persoonsgebonden budget: geld waarmee iemand zelf zorg of ondersteuning inkoopt.

Per wanneer geldt dit?

De inwerkingtreding is niet voor alle onderdelen gelijk:

  • De meeste gevallen: de wet gaat in op de dag na de uitgifte van het Staatsblad, dus op 8 oktober 2026. Ze werkt terug tot en met 1 januari 2026. Terugwerkende kracht betekent dat de regels ook gelden voor de periode vóór de publicatie.
  • Bepaalde Zvw-pgb's: gaat het om een Zvw-pgb waarvan de uitvoering op 31 december 2025 niet via de Sociale Verzekeringsbank (SVB) liep, dan geldt een tijdstip dat nog bij koninklijk besluit wordt bepaald.
  • Twee onderdelen: artikel IV, onderdeel C (Burgerlijk Wetboek) en artikel V (Wet flexibel werken) treden eveneens in werking op een nog vast te stellen tijdstip.

Voor wie geldt het?

De wet is relevant voor particulieren die iemand in dienst hebben voor werk in hun huishouden en dat werk geheel of gedeeltelijk betalen uit een aangewezen publieke regeling. Ook de werknemers zelf en de partijen die de loonadministratie voeren, krijgen ermee te maken. Of jouw situatie eronder valt, hangt af van de ministeriële regeling die de financieringsvormen aanwijst. Controleer die regeling voordat je conclusies trekt.

Overgangsrecht bij ziekte

Voor werknemers die al ziek zijn, geldt een overgangsregeling. De periode van zes weken uit artikel 7:629, tweede lid, BW blijft van toepassing op een werknemer:

  • die onder de oude tekst van de regeling viel op de dag vóór de inwerkingtreding van de wijziging van artikel 7:629 BW; en
  • van wie de eerste ziektedag vóór dat tijdstip ligt.

Perioden van arbeidsongeschiktheid die elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen, tellen als één ononderbroken periode. Zwangerschaps- of bevallingsverlof telt bij het bepalen van die vier weken niet mee.

Compensatie voor Zvw-pgb-houders

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport stelt gedurende ten minste twee jaar een bedrag beschikbaar voor verzekerden met een Zvw-pgb. Dat geldt als het loon van de zorgverlener, na aftrek van loonbelasting, door deze wet in de praktijk lager uitkomt dan wat de zorgverlener de dag vóór inwerkingtreding ontving voor dezelfde zorg of dienst. Het gaat dan om het inkomen uit werk en woning na aftrek van inkomstenbelasting. Nadere regels volgen bij ministeriële regeling. De minister moet binnen twee jaar en daarna binnen drie jaar na inwerkingtreding aan de Staten-Generaal verslag uitbrengen. Het eerste verslag gaat alleen over de vraag of de compenserende middelen voor pgb-houders (Wlz en Zvw) toereikend zijn.

Wat moet je als werkgever doen?

De wet bevat geen aparte verplichtingen of termijnen voor werkgevers. Omdat ze terugwerkt tot 1 januari 2026, is het verstandig om nu uit te zoeken of en hoe de wet voor jou geldt.

  • Controleer of je werknemer doorgaans op minder dan vier dagen per week in jouw huishouden werkt.
  • Controleer uit welke regeling het werk wordt betaald en of die is aangewezen bij ministeriële regeling.
  • Controleer of het een Zvw-pgb betreft zonder SVB-uitvoering per 31 december 2025. Dan geldt een later tijdstip, dat bij koninklijk besluit wordt bepaald.
  • Bekijk of er een werknemer is die voor 8 oktober 2026 ziek is geworden. Dan kan de oude periode van zes weken nog gelden.
  • Bespreek met je loonadministrateur of uitvoerder wat de terugwerkende

Veelgestelde vragen

Wat is de Regeling dienstverlening aan huis? +

Het is een regeling voor de rechtspositie van werknemers die doorgaans op minder dan vier dagen per week in het huishouden van een particulier werken. Voor hen gelden bepaalde afwijkende regels, bijvoorbeeld bij ziekte.

Per wanneer geldt de Wet aanpassing Regeling dienstverlening aan huis? +

In de meeste gevallen per 8 oktober 2026, de dag na uitgifte van het Staatsblad, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026. Voor bepaalde Zvw-pgb's en twee onderdelen van de wet wordt de datum later bij koninklijk besluit bepaald.

Welke publieke financieringsregelingen vallen onder de wet? +

De wet noemt ze niet zelf. De regelingen worden aangewezen bij ministeriële regeling door de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, in overeenstemming met de minister van Financiën.

Wat gebeurt er met een werknemer die al ziek is? +

Als de eerste ziektedag vóór de inwerkingtreding ligt, blijft voor die werknemer onder voorwaarden de periode van zes weken uit artikel 7:629 BW gelden. Ziekteperioden die elkaar met minder dan vier weken onderbreking opvolgen, tellen als één periode.

Bronnen

HRM365 schrijft eigen artikelen op basis van deze bronnen. Dit artikel is informatief en geen juridisch advies.

Verder lezen

Gerelateerd

woman covering her face with white tissue paper
Nieuws

Arbeidsrecht

Slapend dienstverband: AG ziet toch vakantieopbouw bij langdurig zieken

De advocaat-generaal bij de Hoge Raad concludeert op 9 oktober 2026 dat werknemers in een slapend dienstverband wettelijke vakantiedagen blijven opbouwen en daarvoor loon krijgen. De Hoge Raad moet nog beslissen, maar werkgevers met langdurig zieken doen er goed aan nu al hun opties te wegen.

19 okt. 2026 · 4 min

people sitting on chair inside restaurant
Nieuws

Arbeidsrecht

Cao Houtverwerkende Industrie: partijen ver uit elkaar na eerste ronde

Na de eerste onderhandelingsronde voor de nieuwe cao Houtverwerkende Industrie liggen vakbonden en werkgevers ver uit elkaar. De FNV eist 5,5% plus € 80 per maand, terwijl werkgevers onder meer minder loon bij ziekte en minder ATV-dagen willen.

17 okt. 2026 · 4 min