Cao mbo: 4% erbij per 1 juli 2026 en 3% in januari 2027
De MBO Raad en de vakbonden AOb, CNV, FNV Overheid en FvOv hebben een onderhandelingsresultaat over een nieuwe cao mbo bereikt. Het bevat twee structurele loonsverhogingen, een eenmalige uitkering en een flexibeler seniorenverlof.
De MBO Raad en de vakbonden AOb, CNV, FNV Overheid en FvOv zijn het eens geworden over een nieuwe cao mbo. Dat meldt de MBO Raad op 1 oktober 2026. Het onderhandelingsresultaat bevat twee structurele loonsverhogingen en een eenmalige bruto uitkering van 1.700 euro. Het akkoord moet nog door de achterbannen worden goedgekeurd.
Wat is er afgesproken?
De beoogde looptijd van de cao is 1 oktober 2026 tot 1 maart 2028. Volgens de MBO Raad gaat het akkoord over drie thema's: loonontwikkeling, versterking van de professionele praktijk en duurzame inzetbaarheid van het personeel.
De AOb vat de loonafspraken in zijn eigen bericht samen als 7 procent erbij. Dat is de optelsom van twee stappen. Het bericht noemt daarnaast een ombudsfunctionaris. De uitwerking daarvan staat in het onderhandelingsresultaat zelf.
De loonafspraken op een rij
| Moment | Afspraak |
|---|---|
| 1 juli 2026 | Structurele loonsverhoging van 4 procent |
| Eenmalig | Bruto uitkering van 1.700 euro |
| 1 januari 2027 | Structurele loonsverhoging van 3 procent |
Met deze afspraken gebruiken de partijen het volledige budget voor arbeidsvoorwaarden van 2026. Ze nemen bovendien een voorschot op 2027. Volgens de MBO Raad moet dat bijdragen aan een aantrekkelijke sector voor zittend en nieuw personeel.
De eerste verhoging gaat in per 1 juli 2026, dus vóór de start van de cao op 1 oktober. Payrollafdelingen en salarisadministraties moeten daarom waarschijnlijk met terugwerkende kracht corrigeren zodra de cao definitief is.
Professioneel Statuut en duurzame inzetbaarheid
Naast het loon spreken de partijen af het Professioneel Statuut mbo te actualiseren. De tekst moet beter aansluiten op de dagelijkse praktijk, waarin onderwijsteams een centrale rol spelen. Binnen een team dragen medewerkers samen verantwoordelijkheid voor onderwijskwaliteit, studentbegeleiding, examens en professionalisering. De individuele autonomie en de vakinhoudelijke zeggenschap van medewerkers blijven volgens de MBO Raad stevig verankerd.
Op het gebied van duurzame inzetbaarheid gaan de sociale partners onderzoeken hoe het huidige stelsel wordt gebruikt. Ze kijken daarbij naar bestaande afspraken over verlof, seniorenregelingen, professionalisering en budgetten. Het doel is meer ruimte voor persoonlijke keuzes en maatwerk in elke levensfase.
Vooruitlopend op dat onderzoek wordt het seniorenverlof al flexibeler. Medewerkers kunnen zelf beter bepalen hoe ze hun uren inzetten richting pensioen.
Hoe nu verder?
De MBO Raad legt het resultaat met een positief advies voor aan zijn leden. Ook de vakbonden raadplegen hun achterban. Pas als alle partijen instemmen, wordt het onderhandelingsresultaat omgezet in de definitieve cao mbo. Tot die tijd kan de inhoud nog veranderen. De exacte teksten, zoals de voorwaarden voor de eenmalige uitkering, staan in het onderhandelingsresultaat op de sites van de betrokken partijen.
Wat betekent dit voor werkgevers?
De cao geldt voor de mbo-sector, maar de afspraken zeggen ook iets over de arbeidsmarkt in het onderwijs. Werkgevers in de sector en organisaties die met onderwijsinstellingen samenwerken kunnen het volgende doen:
- Werkgevers onder de cao mbo: reken vooraf uit wat de twee structurele verhogingen en de uitkering van 1.700 euro bruto kosten. Reken daarbij ook de werkgeverslasten mee. Met de rekentool voor loonkosten kun je een indicatie maken.
- Salarisadministratie: bereid de verwerking met terugwerkende kracht voor, omdat de eerste verhoging al per 1 juli 2026 ingaat. Wacht wel met uitbetalen tot de cao definitief is.
- Seniorenbeleid: inventariseer welke medewerkers gebruik willen maken van het flexibelere seniorenverlof. Overleg vroeg over de gevolgen voor roosters en bezetting.
- Teamorganisatie: volg de uitwerking van het Professioneel Statuut mbo. Daarin wordt duidelijker wie waarvoor verantwoordelijk is binnen onderwijsteams.
- Overige werkgevers: gebruik dit akkoord als vergelijkingspunt als je medewerkers hebt met een onderwijsachtergrond of concurreert om docenten en opleiders.
Controleer voor de precieze toepassing altijd de definitieve cao-tekst. Bij twijfel over je eigen situatie kun je je werkgeversorganisatie of cao-partij raadplegen.
Veelgestelde vragen
Hoeveel loonsverhoging krijgen mbo-medewerkers in de nieuwe cao? +
Per 1 juli 2026 stijgen de lonen structureel met 4 procent en per 1 januari 2027 volgt nog eens 3 procent. Daarnaast komt er een eenmalige bruto uitkering van 1.700 euro.
Hoe lang loopt de nieuwe cao mbo? +
De beoogde looptijd is van 1 oktober 2026 tot 1 maart 2028.
Is de nieuwe cao mbo al definitief? +
Nee, het is een onderhandelingsresultaat. De MBO Raad legt het met een positief advies voor aan zijn leden. Na akkoord van de achterbannen wordt het omgezet in de definitieve cao.
Wat verandert er voor het seniorenverlof? +
Het seniorenverlof wordt alvast flexibeler, zodat medewerkers zelf beter kunnen bepalen hoe ze hun uren richting pensioen inzetten. Een breder onderzoek naar duurzame inzetbaarheid volgt.
Bronnen
HRM365 schrijft eigen artikelen op basis van deze bronnen. Dit artikel is informatief en geen juridisch advies.